U bent niet ingelogd  |  Inloggen  |  Registreren
HETPALEIS
 
 
divider
Mission Statement

De Familienaam van HETPALEIS

Familienamen kies je niet, die krijg je.
Soms zit er in die erfenis een opdracht of een talent verweven die wellicht ook mogelijke beroepskeuzes aardig kunnen beïnvloeden. De Bakker, De Vleeshouwer, De Kok, De Timmerman.
HETPALEIS heeft ook een achternaam; ‘ion’. Weliswaar meestal slechts in kleine letters gekoppeld aan de kapitalen van HETPALEIS, maar net daardoor erg adellijk van titel en taakopdracht.
In onderkastletters gezet, maar in kapitalen gekapt als het gaat om een kernopdracht.
HETPALEIS ion wil er heel bewust aan werken om zijn titel instelling van openbaar nut waar te maken.
Betekent dit dat HETPALEIS iedereen in de schouwburg verwacht? Neen, maar HETPALEIS wil er wel aan werken om zoveel mogelijk mensen de kans te bieden te participeren aan het culturele aanbod van HETPALEIS.

In 1997 besliste het Antwerps stadsbestuur, onder impuls van schepen Eric Antonis, om van Het Koninklijk Jeugdtheater, kortweg het KJT, een instelling van openbaar nut te maken, een ion. De instelling was niet langer een theaterhuis waarvan de niet-artistieke personeelsleden rechtstreeks van " 't stad " afhankelijk waren. De nieuwe ion kreeg een autonoom bestuur en kon zo een financieel, artistiek en personeelsbeleid voeren zoals ‘normale’ private instellingen. De leden van de Raad van Bestuur worden gekozen werden door de diverse partijen die deel uitmaken van de gesubsidieerde overheid, met name de stad Antwerpen, de provincie Antwerpen en de Vlaamse gemeenschap. Hierdoor werd autonomie en bestuurlijke betrokkenheid stevig en werkbaar samengebald. Bepaald door de tijdsgeest werden ook in andere steden vergelijkbare beslissingen genomen betreffende de werkstructuur van hun stedelijke gezelschappen.

HETPALEIS is tot nu toe nog steeds het jongste stadsgezelschap en onderscheidt zich van de drie andere stedelijke gezelschappen in Vlaanderen door zijn uitgesproken doelgroep: kinderen en jongeren. Is het omwille van die doelgroep dat HETPALEIS niet zelden wordt vergeten (verzwegen?) bij het vermelden van de stadsgezelschappen en dat de lijst ophoudt met de opsomming van Het Toneelhuis (vroeger KNS) te Antwerpen, Het Publiekstheater (vroeger NTG) te Gent en KVS/de bottelarij te Brussel?
De titel 'stadsgezelschap' en de discussie over de omschrijving waaraan het betrokken gezelschap moet voldoen of zou moeten voldoen om die titel waar te maken - en daardoor het bestaansrecht te verdedigen en zelfs op te eisen - is erg actueel. Niet toevallig loopt dit debat parallel met de naderende deadline voor het indienen van het nieuwe meerjarenplan en wordt het gekruid met signalen vanuit de Vlaamse overheid dat er geen bijkomende middelen te verwachten zijn.

HETPALEIS vertaalt zijn functie ‘stadstheater’ als een podiumkunstenhuis in de stad voor kinderen en jongeren en kunstenaars. De stad Antwerpen herbergt een verzameling van kunstenaars, theatermakers in opleiding, publiek, beleidsmakers, politici en personeel. Dit geldt niet voor elke stad of regio. Er zijn regio’s in Vlaanderen waar door de afwezigheid van theatermakers vooral sprake is van een uitgesproken receptieve programmering waardoor een eerder ‘degusterend’ of ‘consumerend’ publiek ontstaat.
Antwerpen geniet het voorrecht om tussen zijn bewoners zowel zijn kunstenaars te vinden als zijn publiek. Dat maakt dat het klimaat zeer gunstig is voor beide groepen. Meer nog, ze hebben elkaar nodig. Het theaterpubliek kan niet zonder de podiumkunstenaar en de podiumkunstenaar niet zonder zijn publiek. De aanwezigheid van vele theatermakers maakt dat zij als collega’s ook functiewisselend optreden en dat zij beurtelings elkaars medespeler of kritische toeschouwer worden. De reflectiefunctie scherpt de kwaliteit aan.
De kleur van bloemen en de smaak van vruchten verraadt o.m. de bodemgesteldheid waarin hun wortels staan. De lokale theateropleidingen doen hier ook een aardige duit in het zakje. Jong talent in huis betekent veel energie, veel aandacht en vergt veel overleg. Maar de energie die het huis terug krijgt wordt geleverd in vergelijkbare proporties.
HETPALEIS wil de vrijheid behouden om die kunstenaars te betrekken en aan te trekken die nodig zijn om die bepaalde productie, in dat bepaald genre, in die uitgesproken kunstdiscipline of voor die specifieke doelgroep alle slaagkansen te bieden.
Het huis is ervan overtuigd dat door de aantrekking en de keuze van de kunstenaars de aandacht voor een maatschappelijke betrokkenheid in het artistieke aanbod zal doorsijpelen. De kunstenaar, de maker, is geen wereldvreemde burger en is niet iemand die totaal onafhankelijk van wat dan ook creëert. In elke creatie zit de individuele perceptie van de maker. Jonge en oudere acteurs, ervaren en kersverse krachten, gevestigde en loslopende talenten, gehuisveste en thuisloze artiesten, HETPALEIS wil vooraf geen keuze maken omdat een mix in een bepaalde verhouding wellicht net die dosering geeft die nodig is voor die welbepaalde creatie. Laat net de variatie in het aanbod het kenmerk zijn van het artistieke beleid van het huis. Verscheidenheid op de planken schept diversiteit in de zaal.
Wat HETPALEIS wel vooropstelt, is het verder stimuleren van de intussen ontstane onderlinge sfeer van een positieve belangstelling voor andermans producties in dit huis. Maar dit groeit haast vanzelf want aparte combinaties en een vreemde verzameling van castinvulling creëert avontuurlijke nieuwsgierigheid gekruid met een zekere onvoorspelbaarheid en meestal het verlangen om ook nadien terug te komen. HETPALEIS wil immers vertrouwen geven aan makers om met hen trajecten van lange of korte duur af te leggen zodat ze in een professioneel kader zichzelf kunnen verdiepen, eigen vertrouwde grenzen kunnen verleggen. HETPALEIS wil een werksfeer waarborgen waarin falen in een opzet niet a-priori onmogelijk is en waarin een bezorgdheid verzekerd wordt voor een blijvende dialoog met de betrokken kunstenaars en dit zowel in moeilijke en vervelende tijden als bij succesvolle momenten.

Avontuur is nu eenmaal dé ingesteldheid die HETPALEIS van eenieder verlangt, en dit zowel van zijn theatermaker, als van zijn personeel, zijn publiek, zijn beleid...

Het huis beschouwt de stad als ‘inspiratiebron’, ‘platform’ en ‘levensader’ en ontwikkelt jaarlijks producties, projecten, presentaties en andere randactiviteiten in eigen huis, op locatie, in culturele centra en schouwburgen in de stad én buiten de stad.
HETPALEIS is alert om de stad binnen te halen met zijn onderwerpen en zijn thema’s. Leefwerelden, vormen van voorkennis, actualiteit, diversiteit,...
Meer dan 60% van de freelance podiumkunstenaars van HETPALEISseizoen 2003-2004 leeft in de stad Antwerpen en zij brengen onderwerpen, taalaccenten en leefwerelden mee. Zij zorgen als makers voor nieuwe stimulansen, werken grensverleggend, stoeien en investeren met hun aangebracht kapitaal aan ervaring. De sympathie van jongeren voor producties als VHS, Het appartement, Fink en Matchboks met hun eigen code van ‘op kot zitten, de commerciële filmcultuur, het gedrag van een verliefde, de multiculturele samenleving’, zijn daar voorbeelden van. Deze elementen groeien vanzelfsprekend en ‘verleiden’ dikwijls onwetende ‘eerstelingen’ tot het theater.

HETPALEIS wil zich laten inspireren door de stad en haar kunstenaars, haar filosofen en haar realiteit. Een recent onderzoek stelt vast dat in Antwerpen-centrum 58 % van de kinderen in de basisscholen thuis geen Nederlands spreekt. Dit is een gegeven waar HETPALEIS zonder meer rekening mee dient te houden en dat zijn gevolgen zal hebben voor het productieaanbod. Naast expliciete teksttheaterstukken zullen ook andere disciplines extra aandacht krijgen, zoals bijvoorbeeld producties met muzikale, beeldende of bewegingsfysieke accenten. Het meer en meer verdwijnen van een gemeenschappelijk cultureel erfgoed in onze stedelijke gemeenschap is een realiteit. Als bij meer dan de helft van de jonge toeschouwers geen belletje gaat rinkelen bij het zien van een meisje met een rood kapje, dan zal het moeilijk zijn om die andere onbetrouwbare figuur naast haar, opgesmukt met een pelsen kraagje, juist te kunnen plaatsen. Het is van belang te erkennen en te aanvaarden dat HETPALEIS wellicht mee zal bouwen aan een cultureel erfgoed voor vele kinderen, meer dan dat het zelf kan steunen op een cultureel erfgoed van zijn toeschouwers.
Aandacht voor de instroom van nieuwe mensen, resulteert in nieuwe producties en nieuwe werkwijzen. Een ander creatieritme, meer gelegenheidsformaties, inspirerende cross-overs en ongekende netwerken belemmeren vanzelfsprekendheden en dwingen tot het verlaten van de platgetreden paden, maar stimuleren het klimaat om elke productie uniek te maken en het juiste kader te geven.

HETPALEIS wil zich verdiepen in diverse publieksgroepen en een publieksgroep cultureel competenter maken.
Het blijft van belang om de publieksbetrokkenheid te vergroten zodat de toeschouwer de juiste keuze kan maken binnen het aanbod.
Maar bovenal wil HETPALEIS zijn steentje bijdragen aan cultuurparticipatie als evidentie voor elk kind in elke familie.

HETPALEIS wil meewerken aan een positief imago van de kunst in het algemeen, de podiumkunsten in het bijzonder en een uitgesproken sympathie voor het kinder- en jeugdtheater. En deze sympathie en het logische gevolg daarvan (begeleiding) mag niet worden afgestraft. Het is niet omdat HETPALEIS kinder- en jeugdtheater brengt dat men de educatieve of sociale functie volledig binnen de artistieke opdracht moet lokaliseren. Uitgesproken initiatieven willen verder gaan dan enkel het publiek voorbereiden op het bezoek aan een HETPALEISproductie. Projecten en engagementen als De Tuin, De Stal, de werking van Meters & Peters, de intensieve werksessies met scholen en leerkrachten, komen de algemene cultuurcompetentie ten goede en dienen dan ook als gescheiden ‘disciplines’ gesubsidieerd en gerecenseerd te worden. Gelukkig erkent de overheid dit unieke educatieve luik inmiddels wel. Alle hoop wordt nu gevestigd op de bevestiging van deze erkenning in bijkomende werkingsmiddelen zodat het huis hiervoor niet verder moet blijven putten uit de pot van artistieke budgetten.
HETPALEIS voorspelt dat de dienst publieksbegeleiding in de toekomst alleen maar zal uitbreiden.
Uit onderzoek van Planning en Statistiek van de Vlaamse Gemeenschap 2003 blijkt dat de voorbije jaren het aantal non-cultuurparticipanten steeds schommelde rond een 20% van de bevolking. Ongeveer 40% zijn eerder passanten. Volgens het Pact van Vilvoorde moet tegen 2010 de helft van de bevolking zich cultuurparticipant ‘voelen’. Als we ervan uitgaan dat men daarvoor in zekere mate aan cultuur moet deelnemen, is het vooral belangrijk om het aantal belangstellende participanten te verhogen.
Maar elk optimistisch pact ten spijt: er zijn en er zullen wellicht steeds meer mensen zijn die niet dan wel participeren aan het cultuuraanbod. Belangrijk is daarom te werken aan een positief imago rond cultuur. De niet-participant moet een begripvolle burger kunnen zijn voor elke participant; “ 't is mijn ding niet maar ik gun het hem”. De niet-sportliefhebber tolereert ook de sportaandacht op vele fronten. HETPALEIS gelooft in collectieve marketing en dit gebeurt jammer genoeg nog te weinig. Een gemeenschappelijke en solidaire actie die de goesting in het theater propageert, zou veel vruchten af kunnen werpen in het Vlaamse landschap.
Het spreekt voor zich dat HETPALEIS vanuit zijn promotie naast naamsbekendheid ook de productiebekendheid beoogt. Een gericht doelgroepenbeleid tracht het juiste publiek bij de juiste voorstelling te brengen. Maar een kiem van interesse van elke toeschouwer, trouwe of toekomstige, is sowieso een voorwaarde om aangesproken te kunnen worden. Slechts een geïnteresseerd publiek is bereid mee risico’s te nemen en eigen grenzen te verleggen.

En in de optocht van de interessemakers, hinkt de media zeker niet achterop.
Onderzoek heeft uitgewezen dat ook de media, in samenspel met thuis en de school, bepalend is voor een specifiek smaakpatroon inzake culturele interesse. Het meest democratische mediakanaal is televisie. Maar net op het scherm scoort de dominante aanwezigheid van commerciële en populaire evenementcultuur.
In plaats van zich hiervan te verwijderen en zich te onthouden van samenwerking of verdere contacten wil HETPALEIS een blijvend debat voeren met journalisten en programmamakers over het belang van brede en diepe aandacht voor niet-commerciële producties. Niet dat de kunstsector een aparte rubriek op het beeldscherm wil opeisen, maar een evidentere aandacht voor podiumkunsten zou uitdrukkelijker een plaats mogen krijgen in dit smaakbepalend en krachtig kanaal en dient meer ruimte te krijgen naast de toenemende monopolisering van commerciële televisieproducties.

Naast televisie zijn ook de radio en de krant smaakvormend. Een recensent kan vanuit zijn ervaring de luisteraar of de lezer meenemen in het vergroten van een culturele competentie. Een goede recensent levert handvaten voor het vergroten van de bereidheid om mee in te gaan op het aangebodene. Hij kan een bijdrage leveren aan de sleutels tot waarderen of verwerpen van resultaat. Jammer echter dat cultuurpagina’s en cultuurkaternen steeds aan ruimte dienen in te boeten. Daardoor mist te lezer de kans om een breder reflectieplatform te krijgen. Ook het snel komen en gaan van cultuurrecensenten maakt dat het de sector ontbreekt aan voldoende vertrouwde gesprekspartners. Vergelijkingen en evoluties komen nauwelijks aan bod, terwijl de resultaten worden gewikt en gewogen en met sterren gedecoreerd.
Toch wil HETPALEIS een grondig debat blijven voeren met de pers.

Het valt niet te loochenen: HETPALEIS doet veel, maakt veel. Te veel?
HETPALEIS wil er naar streven dat elke creatie, elke opdracht of elke taak die het huis zichzelf oplegt voldoende tijd, aandacht, ruimte en financiële mogelijkheden krijgt om die taak of opdracht vakkundig te begeleiden en tot een kwaliteitsvol einde te brengen.
Het is belangrijk de waarden te verwoorden waaraan elke productie, evenement of actie van HETPALEIS moet voldoen. Welke kwaliteitswaarde wordt voorop gesteld?
En hoe controleer je, bewaak je, verdedig je en meet je dit?

Het staat buiten kijf dat de maatschappelijke relevantie bovenal gezocht moet worden in de bekommernis kwaliteitsvolle producties aan te bieden. Op zoek naar een algemene noemer van geslaagde HETPALEISproducties komen volgende waarden aan de oppervlakte drijven:

De macht van de verbeelding

Producties dienen ruimte te geven aan de fantasie van de toeschouwer. Er moet voorkomen worden dat elke inspraak van de fantasie van de toeschouwer gewurgd wordt.
HETPALEIS wil 'verbeelden', niet 'uitbeelden'.

De kracht van de gelaagdheden

Er bestaat nooit één visie. Elke medaille heeft zijn keerzijde. Theater is niet te vatten in oneliners. Het leven ook niet. Van belang is dat theater ook de ambiguïteit van een samenleving vervat.

De stimulans van het grensverleggende

Elke productie moet ergens de heipaal van de kunst verplaatsen.
Of dit nu gaat om de tekst, het beeld, het woord, de muziek of de beweging, het unieke moet gewaarborgd blijven.

Het bewustzijn van het hier en nu

Een productie die gisteren al gemaakt kon worden, is te laat.
In die zin is het van belang dat producties, ondanks grote interesse, niet stuk gespeeld worden door een te lange speelduur. De frisheid van een productie dient gewaarborgd te blijven. De podiumkunst onderscheidt zich van andere kunstdisciplines door het niet reproduceerbare. Je kan theaterbezoek niet oneindig uitstellen. Na een speelreeks onderscheidt zich een bevolking in twee groepen; ‘gezien’ en ‘niet-gezien’. Een boek, een film, een beeldend kunstwerk en zelfs een muziekconcert kan een uitstellen overleven dankzij een heruitgave, een video of dvd, een tentoonstelling of een retrospectieve, een cd,… Theater is allergisch voor elke reproductie.

Het voorrecht van voornemens

Zelfs bij de meest negatieve en doemdenkende visie in een productie dient de toeschouwer de vrijheid te voelen dat hij in de realiteit wel het voornemen kan maken zelf het roer steviger in eigen handen te nemen.

Het toeschouwersperspectief.

Leeftijdgrenzen zijn vooraf zeer moeilijk te bepalen. Maar de aanzet en de basis van de producties vertrekt vanuit de leefwereld en het perspectief van de toeschouwer. De militant op de scène is de beoogde militant in de zaal.

De waarborg van de stiel.

Met uitzondering van een aantal trouwe fans is elke voorstelling voor het publiek een première. Nonchalance wordt niet getolereerd. De kwaliteit van het ambacht: ‘kunnen spelen’ en zich ‘kunnen verstaanbaar maken’ is een zorg die mee genomen wordt in het resultaat van de creatie.

Het is onkies de cultuursector alleen te belasten en op te zadelen met opdrachten als het vergroten van de sociale mix en het verhogen van de culturele competentie. Onderwijs en levenslang leren dienen het participeren aan het gesubsidieerde kunstaanbod mee op te nemen en (verder) cultuuranalfabetisme te ontmoedigen en te voorkomen.
In de publieksbegeleiding wil HETPALEIS op de eerste plaats het onderwijs als bondgenoot kennen. Onderwijs zal uitmaken of cultuurbeleving in de toekomst meer als evidentie kan worden beschouwd of dat kunst als uitzonderlijke kers op de slagroomtaart pronkt. Is cultuurbeleving een recht of een plicht in het onderwijs? Is leren en kunnen zwemmen in de basisschool facultatief of is het een voorwaarde die opgenomen is in de eindtermen? En hoe kan theaterplezier aangezwengeld worden zonder toegevingen te doen aan kwaliteit?
HETPALEIS is duidelijk en wil een lans breken voor klassikale theaterbezoeken, maar liefst in een gezonde afwisseling van schoolse en vrijetijdsactiviteiten. Een leerkracht die met haar klas op een vrijdagavond naar een jongerenvoorstelling komt, scoort wat interesse betreft makkelijker dan de docent die donderdagnamiddag met zijn klas naar een presentatie van dezelfde plezierige productie komt kijken. Als kunstbeleving te veel een schools accent krijgt, zal het moeilijk zijn om plus 15-jarigen ook in hun vrije tijd voor podiumkunsten te winnen. In die zin wil HETPALEIS denken aan een ander ritme dan speelseizoenen om het parallel lopen met schooljaren te doorprikken.

En er zijn meer plannen.
Het lange termijn denken in functie van het op stapel staande meerjarenplan (2006-2010) betekent meer dan louter moeten voldoen aan een decretale opdracht.

HETPALEIS wil werken met een artistieke denktank die vernieuwingen niet afremt, een ploeg die blijvend reflecteert op plannen en realisaties en het artistieke debat warm houdt. Deze denktank ondersteunt de beleidskeuze altijd te vertrekken vanuit een vertrouwen in de vaste en tijdelijke medewerkers en met een respect voor de persoonlijke talenten en de drijfveren van de betrokken regisseurs en makers. Ze is zich tevens steeds bewust van de sociaal-maatschappelijke functie van een grootstedelijk gezelschap.
HETPALEIS rekent op de verzekerde subsidieondersteuning van de overheid, en dit zowel vanuit de stedelijke, de provinciale als de Vlaamse overheid, om de uitvoering van deze opdracht waar te maken.
HETPALEIS acht het nodig te mogen steunen op een overheid die vanuit zijn beleid meewerkt aan een gunstig cultureel klimaat, die vooral voorwaarden scheppend werkt en die de attitude vergroot om eventuele meetbare maar vooral realistische resultaten te halen. Op die manier kan HETPALEIS op zijn beurt een belangrijke actor zijn voor de ontwikkeling en de uitvoering van dat beleid.
HETPALEIS is tenslotte een instelling van openbaar nut.

Barbara Wyckmans / 2004-05-23



Downloads:
Algemeen (1)